Over NPO Over NPO
Overzicht

Gebarentolken

Voor kijkers met een auditieve beperking wordt een aantal NPO-programma’s ondersteund met een tolk Nederlandse Gebarentaal. Dit zijn onder andere:

  • Op werkdagen de NOS Journaals van 7.00, 8.00 en 9.00 uur op NPO 2 
  • 's Avonds het Jeugdjournaal en het Achtuurjournaal, allebei op themakanaal NPO Nieuws
  • Diverse live-uitzendingen van nationale gebeurtenissen en evenementen, zoals Koningsdag en Dodenherdenking op NPO 1 extra en Prinsjesdag en de Kersttoespraak van de Koning op NPO 2
  • De Intocht van Sinterklaas op het themakanaal Zappelin extra en de website Zappelin.nl
  • Videoclips Zin in Zappelin op NPO Zappelin extra en het YouTube-kanaal van NPO Zappelin 

COVID-19



foto: ANP

Sinds de COVID-19-pandemie worden alle persconferenties van het kabinet over de coronamaatregelen met Gebarentaal ondersteund. In deze uitzendingen zijn de tolken onderdeel van de persconferenties. En verder worden ook de incidentele NOS-uitzendingen Feiten en Fabels over de coronapandemie op NPO Nieuws met tolk uitgezonden.

Een kijkje achter de schermen bij het Journaal

Speciaal voor de tolken Gebarentaal  is er een aparte studio bij de NOS Nieuwsredactie. Tijdens de uitzending staat de tolk voor een ‘green screen’, op een vaste plek, zodat ze goed voor de camera staat. Op een tv-scherm ziet de tolk zichzelf in het tv-beeld staan. Wanneer in de tekst bijvoorbeeld wordt verwezen naar een beeld in een reportage of naar een plaatje, kan de tolk zien of zij in de juiste richting wijst. In de Eindregie wordt de tolk in het Journaalbeeld ‘gekeyd’. Dat is wat wij zien op tv.


De tolk staat voor een ‘green screen’. 


In de Eindregie wordt de tolk in het televisiebeeld ‘gekeyd’. 

De voorbereiding

De tolken die voor het Journaal ingezet worden, beheersen de Nederlandse Gebarentaal (NGT) op hoog niveau. Zij worden gecoacht door het Gebarencentrum. Om een Journaal te kunnen tolken, is een goede voorbereiding belangrijk.



Voordat ze voor de camera stapt, kan de tolk de teksten lezen van de Journaalitems. Items die niet op tijd beschikbaar zijn, moeten onvoorbereid getolkt worden. Ook de meeste filmpjes zijn vooraf te bekijken. Eventueel kunnen nog gebaren van namen of begrippen worden gecheckt in het online woordenboek van het Gebarencentrum. Daarin staan ruim 16.000 gebaren en er komen dagelijks nieuwe bij.

Net als de Journaalpresentatoren, gaan de tolken voor de uitzendingen in de visagie. Ze komen immers vol in beeld. Ook de kleding is belangrijk. Die is meestal donker en effen, zodat de handen goed zichtbaar zijn.

Enkele veel gestelde vragen

  • Wat is Nederlandse Gebarentaal?
Gebarentalen zijn talen met een eigen grammatica, net als gesproken talen. Het verschil met gesproken talen is dat je met de handen gebaren maakt en ernaar kijkt in plaats van luistert. Het zijn  talen in een visuele manuele modaliteit. Het is niet zo dat in alle landen dezelfde gebarentaal wordt gebruikt. Elk land heeft zijn eigen gebarentaal. Dit heeft te maken met het feit dat een taal zich ontwikkelt in een gemeenschap. Waar mensen bij elkaar zijn en communiceren, ontstaat een taal. Omdat dove mensen niet allemaal bij elkaar wonen, bestaan over de hele wereld verschillende dovengemeenschappen waar een eigen gebarentaal is ontwikkeld. In Nederland is dat dus de Nederlandse Gebarentaal, afgekort NGT. Het is de moedertaal van ongeveer 30.000 dove mensen in Nederland.

De NGT is 100 jaar lang, tot 1980, verboden geweest in het onderwijs en opvoeding aan dove kinderen. Wetenschappelijk onderzoek toonde aan dat gebarentalen echte talen zijn en voldoen aan dezelfde kenmerken als gesproken talen. Sinds 16 maart 2021 is er een wet waarin de Nederlandse Gebarentaal officieel wordt erkend als taal in Nederland.

Ook in NGT zijn ‘dialecten’. Zo worden er in Groningen voor een aantal begrippen andere gebaren gemaakt dan in bijvoorbeeld Rotterdam. Er is ook een standaard vastgesteld van gebaren die landelijk gebruikt worden. De Journaaltolken gebruiken zoveel mogelijk de standaardgebaren.
  • Waarom is er gebarentaal nodig op tv, is TT888 Ondertiteling niet voldoende?
Ondertiteling is geschreven Nederlands en een tolk gebruikt de Nederlandse Gebarentaal. Dat zijn twee verschillende talen. Iemand die doof is en als moedertaal de Nederlandse Gebarentaal heeft, leest ondertiteling dus in een andere taal, een tweede taal. Voor dove mensen is deze tweede taal lastig te verwerven omdat je de gesproken taal niet hoort. Nuances en de begrippen zijn daarom niet altijd helemaal begrijpelijk. De Nederlandse Gebarentaal is voor dove mensen volledig toegankelijk en duidelijk. Bovendien zie je in de titels niet de intonatie, dus de manier waarop iemand iets zegt. De tolk neemt dat wel mee in de vertaling via de mimiek, waardoor het programma voor de dove kijker nog beter en vollediger toegankelijk is.

Meer informatie

Meer informatie over de Nederlandse Gebarentaal en de tolken NGT is te vinden op de website van het Nederlands Gebarencentrum. Daar is ook het Gebarenwoordenboek te vinden. Een deel daarvan is gratis toegankelijk.

Slide-show