Tweede Kamer voor Politicologica
Hoofd content

Wederhoor in Politicologica?

Een aflevering van de HUMAN- serie Politicologica onderzoekt hoe transparant D66 is wanneer het integriteitskwesties binnen de partij zelf betreft. Een van de voorbeelden is het optreden van de partijleiding in een zaak rond een afgetreden Haarlemse wethouder. Er wordt óver maar niet met de wethouder gesproken. Deze vraagt waarom niet en dient een klacht in bij de ombudsman. Was wederhoor hier op zijn plaats geweest?

Tweede Kamer voor Politicologica

Het programma

In de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 15 maart 2017 maakt omroep HUMAN vier afleveringen van Politicologica, een programma, zo zegt de website, waarin wordt onderzocht "hoe politieke partijen spinnen, framen en omgaan met blunders, kritiek en imagoproblemen”. Het programma wil "een poging doen om te achterhalen of de positieve beeldvorming die partijen over zichzelf in het leven roepen overeenkomt met de werkelijkheid en of de negatieve beeldvorming, die concurrenten bedenken, klopt.” 

De uitzending van 2 maart gaat over D66, waarin het frame "partij van bestuurlijke vernieuwing en transparantie" onderzocht wordt. Dat doet het programma aan de hand van twee voorbeelden: een gedeeltelijk door derden betaalde reis van lijsttrekker Pechtold naar Oekraïne en gebeurtenissen binnen de partij rond het aftreden in 2014 van de Haarlemse D66- wethouder Ewout Cassee. De uitzending duurt 36 minuten, verdeeld over het programma zitten vier segmenten van in totaal bijna zeventien en een halve minuut  over de casus-Haarlem. 

De verwikkelingen rond en binnen D66 in Haarlem ten tijde van en direct na Cassees aftreden (op het moment van het aftreden van de wethouder stappen ook nog de D66-fractievoorzitter en twee raadsleden op, en kort erna wordt een derde D66-raadslid uit de partij gezet) worden niet op zichzelf gebruikt. Ze dienen om te laten zien hoe de partijleiding in Den Haag zich uiteindelijk mengt in de afwikkeling en de beperking van de imagoschade.

De redactie beschrijft in ruim 12 minuten de zaak-Cassee met behulp van documenten, geluidsfragmenten uit raadsvergaderingen (waarin ook Cassee aan het woord komt) en interviews met enkele betrokkenen (de toenmalig burgemeester van Haarlem, een VVD-politicus en het uit de partij gezette D66-raadslid). De afwikkeling binnen de partij beslaat vijf minuten. De partijleiding van D66 wordt ruim voor uitzending om weerwoord over beide zaken gevraagd, maar dat komt er uiteindelijk, behalve een korte algemene reactie per mail, niet.


De klacht

Twee weken na de uitzending zoekt Ewout Cassee per mail contact met de redactie, met de vraag waarom geen wederhoor is toegepast, zodat hij op aantijgingen jegens hem in de uitzending kon reageren. Ook vraagt hij of de aantijgingen nog geverifieerd zijn. De HUMAN-hoofdredactie reageert de dag erna. In de reconstructie van de zaak-Haarlem kwamen geen nieuwe feiten aan de orde en een deel van Cassees reactie uit 2014 is verwerkt. De aantijgingen zijn geverifieerd. “Zoals u heeft gezien lag onze focus meer op de politieke afhandeling van de zaak dan op de details van het onderliggende feitencomplex. Dat hebben wij enkel in hoofdlijnen weergegeven. Wij menen dat zorgvuldig en feitelijk juist te hebben gedaan.”Mocht Cassee dat anders zien en in gesprek willen, dan kan dat zeker.

Cassee mailt terug dat hij volgens diverse journalistieke codes de gelegenheid had moeten krijgen om zijn visie te geven. Er wordt volgens hem beschikbare informatie weggelaten en onjuiste informatie wel gegeven, en hij citeert uit documenten en gemeenteraadsverslagen. Hij voelt zich door de uitzending “beschadigd”, neemt graag de uitnodiging tot gesprek aan en is benieuwd hoe de omroep “de aangebrachte schade” ongedaan zal maken en “toekomstige schade zal vermijden”.

Dan raakt ook de directie van de HUMAN bij de correspondentie betrokken. Er gaan nog diverse mails op en neer, waarin HUMAN opnieuw benadrukt dat de focus van het programma op “de handelwijze van de partij” en niet op gedetailleerde weergave van de zaak-Haarlem was gericht. Daarom was het een “logische keuze” om niet alle betrokkenen opnieuw te horen. Er werd hier bericht over een “afgerond dossier” waaraan “geen nieuwe beschuldigingen” werden toegevoegd.

Van een gesprek ziet HUMAN nu af, omdat Cassee wil “vernemen hoe wij schade gaan vermijden”. Dat ziet HUMAN als een andere invalshoek dan een gesprek ter “kritische zelfreflectie”, wat de programmamakers graag hadden willen voeren. Wel krijgt Cassee, “geheel onverplicht”, de ruimte om op de Politicologica-website zijn zaak toe te lichten en relevante stukken te plaatsen.

Cassee maakt daarvan gebruik door een reactie te sturen met links naar stukken, en hij schrijft ook dat hij het niet halen van wederhoor en de afhandeling van de klacht door HUMAN zal voorleggen aan de ombudsman. In de mail aan de ombudsman stelt hij nog dat de redactie op geen enkele manier is ingegaan op door hem “aangedragen feiten” en dat de uitzending de volgende principes uit de journalistieke code van de NPO schendt: “1. Journalisten passen altijd wederhoor toe 2. Journalisten gaan terughoudend om met beschuldigingen. Alleen als die zijn gecheckt en het aannemelijk is, worden beschuldigingen gepubliceerd. 3. Wanneer blijkt dat een publicatie onjuistheden bevat of (verwijtbaar) onvolledig is, worden deze zo snel mogelijk en op passende wijze gerectificeerd.”


Tweede Kamer voor Politicologica


Recht op wederhoor?

De ombudsman is er om journalistiek handelen te onderzoeken. Daarom ga ik niet in op de merites van de Haarlemse zaak zelf, alleen op de wijze waarop Politicologica er journalistiek mee is omgegaan. Daarbij hoort op zich omgang met het feitenmateriaal (wat is gebruikt en (hoe) is er gecheckt), maar de hoofdzaak voor de klager is dat het halen van wederhoor in dit geval op zijn plaats was geweest.

Allereerst bestaat er in Nederland niet zoiets als ‘het recht op wederhoor’. Voor bijvoorbeeld de Vlaamse radio en tv is er een bij decreet geregeld recht om verzoek tot antwoord voor (rechts)personen van wie belangen, aanzien of reputatie zijn geschaad. Die weg loopt via de rechter. In Nederland worden diverse journalistieke codes gebruikt, zoals de Code van Bordeaux, de journalistieke code van de NPO zelf en de Leidraad van de Raad voor de Journalistiek. Deze verschillen onderling nauwelijks van elkaar in de beschrijving van een correcte journalistieke aanpak. De klager beroept zich nadrukkelijk op deze codes, en ook voor de betrokken omroep (die de Code van Bordeaux en de Leidraad op zijn website vermeldt) wegen ze zwaar. Betrokkenen hanteren dus dezelfde grondslag voor wat correct journalistiek handelen inhoudt.

De NPO-code is heel stellig: “Journalisten passen altijd wederhoor toe. Mensen krijgen de gelegenheid om te reageren, bij voorkeur in dezelfde publicatie.” De Leidraad is iets genuanceerder:  “Journalisten passen wederhoor toe bij personen die door een publicatie worden gediskwalificeerd, ook wanneer die personen hierin slechts zijdelings een rol spelen.” NPO-code en de Leidraad voegen beide toe dat het beginsel van wederhoor niet hoeft te gelden voor publicaties die een persoonlijke mening bevatten (bijvoorbeeld columns, recensies en opiniërende bijdragen) en “berichtgeving van feitelijke aard, zoals verslagen van openbare bijeenkomsten.” Wanneer je wel en geen wederhoor haalt, is dus niet in beton gegoten maar een zaak van inschatting en interpretatie.


De analyse

Programmamakers, eindredactie en directie van HUMAN noemen diverse malen als een van de argumenten voor het niet halen van wederhoor bij de oud-wethouder dat het programma geen nieuwe feiten of beschuldigingen toevoegt aan een al afgeronde zaak waarover in andere media uitgebreid gepubliceerd is. HUMAN zegt ook dat de zaak-Haarlem zorgvuldig en evenwichtig wordt geschetst door middel van documenten, quotes en citaten uit raadsvergaderingen, waarin Cassee zelf ook aan het woord komt. Daarnaast wordt benadrukt dat de behandeling van de zaak dienstbaar was aan het hoofdverhaal over de handelwijze van de partijleiding als het om de eigen integriteit ging.

De ombudsman spreekt zich niet uit of de zaak-Haarlem een goed voorbeeld ter illustratie van de centrale onderzoeksvraag was. Ik begrijp het doel waarmee en de manier waarop de zaak-Haarlem gebruikt werd – ter onderbouwing van het hoofdverhaal – en dat het raakt aan de grens van de werkbaarheid (en het bevattingsvermogen van de kijker) als je in zo’n geval alles dat een gecompliceerde zaak meebrengt moet gaan uitleggen.

Toch is de ombudsman het wat betreft het halen van wederhoor bij hem met de klager eens. De zaak-Haarlem is geen hoofdonderwerp van de uitzending van Politicologica maar instrumenteel in een redenering. Maar als de zaak één van twee voorbeelden is en bijna de halve uitzending vult, spelen de personen in dat voorbeeld ten minste zijdelings een rol in de uitzending. Er mag sprake zijn van herhaling van een bekend verhaal, maar het wordt actueel door het opnieuw en in een andere context (die van integriteit en transparantie binnen de partij) te (laten) vertellen. In beeld, altijd een indringend medium, en in scherpe zinsneden en bewoordingen die diskwalificaties van de klager bevatten. Deze aspecten hadden wederhoor bij hem gerechtvaardigd.

Had Politicologica alleen gebruik gemaakt van openbare stukken als de raadsverslagen, dan had het programma volgens NPO-code en Leidraad niet om wederhoor hoeven gaan. Maar in een tv-uitzending worden droge stukken – begrijpelijkerwijs, anders wordt het wel een erg saai halfuurtje – doorgaans toegelicht en gelardeerd met voice-overs, sfeerelementen en interviews. In dit geval werd de zaak geschilderd door vier sprekers die aan de ene kant van de Haarlemse medaille stonden. De wethouder stond aan de andere kant die nu alleen in passages uit raadsvergaderingen aan de orde kwam. Wederhoor halen was hier geen rare zijsprong geweest, en had ook nog een andere lezing of extra informatie kunnen opleveren.


Tweede Kamer voor Politicologica


De afwikkeling van de klacht

Als Ewout Cassee en Politicologica half maart in contact treden over de uitzending, willen beide kanten niets liever dan in gesprek komen. Maar na enkele mails is die kans verkeken. Als de ombudsman betrokkenen nu spreekt, blijkt dat misgegaan omdat Cassee in zijn tweede mail het woord “schade” laat vallen. Dat is een term die een en ander “in een juridisch kader” trekt, zo schrijft HUMAN na het gesprek met de ombudsman in een reactie aan Cassee. Die vraagt vervolgens waarom er toen dan niet even getelefoneerd is om te vragen wat hij bedoelde met dat woord. “Dan had u er vervolgens alsnog voor kunnen kiezen om te juridificeren, maar dan had u in ieder geval over de juiste feiten beschikt.”

Hier wordt de ombudsman treurig van. Gekend zelfkritische journalisten en een uitgesproken maar gekwetste klager die elkaar niet meer belden?  Ik kijk naar de ‘verjuridiseerde’ omstandigheden waaronder de Britse publieke omroep moet werken en hoe dat bij de BBC doorwerkt in het met Editorial Guidelines dichttimmeren van iedere stap die programmamakers en journalisten zetten. Laat het hier zo ver niet komen. Misschien is een straffe kop koffie nog altijd een mogelijkheid.

Tot slot

Of en hoe wederhoor uiteindelijk vorm krijgt in een uitzending is aan de programmamaker en zeker niet altijd makkelijk. Een welles-nietes passage over wat in de grote lijn van de uitzending details lijken, laat een kijker in verwarring achter. Dat snapt de ombudsman ook. Maar in dit geval was het misschien niet eens zo problematisch geweest om wederhoor te verwerken zonder het doel van het programma uit het oog te verliezen.

Dat doel was immers te laten zien hoe D66 als partij te werk gaat als de eigen transparantie en integriteit onder vuur liggen. Hoe de zaak-Haarlem ook precies in elkaar zat, de D66-partijleiding vond dat men er zich ermee moest bemoeien. Dat punt zou hoe dan ook als onderbouwing van de hoofdlijn zijn blijven staan.

Geen enkel verhaal is ooit slechter geworden van goed wederhoor. Dat was in dit geval vast ook niet zo geweest.